ADVERTENTIE
SNP Natuurreizen

Door Roy Molenaar, Alpenweerman

Zo wordt kunstsneeuw gemaakt

Dankzij klimaatverandering stijgen de temperaturen wereldwijd. Het sneeuwseizoen in de Alpen wordt daardoor korter. Maar hoe krijgen sommige skigebieden het dan voor elkaar eind november al open te gaan als de natuur niet echt meewerkt? In het Oostenrijkse skigebied Ischgl kan ieder winter al vroeg in het seizoen geskied. Ook dit jaar ging het skigebied eind november weer open.

Dat is vooral te danken aan de vele sneeuwkanonnen in het gebied. Ischgl heeft 1100 sneeuwkanonnen die zorgen dat meer dan 200 km aan piste kunstmatig besneeuwd kan worden.

Koude omstandigheden en een lage luchtvochtigheid zorgen dat sneeuwkanonnen efficiënt kunnen werken.

Kunstsneeuw of technische sneeuw

Eigenlijk is het woord kunstsneeuw niet helemaal gepast. Met kunstsneeuw wordt vaak geassocieerd alsof er chemicaliën of gifstoffen bij de besneeuwing gebruikt worden. Dat is in veel skigebieden echter niet het geval. Daarom wordt vaker gesproken over technische sneeuw. Deze technische sneeuw, of soms ook machinesneeuw genoemd, bestaat uit dezelfde bestanddelen als natuursneeuw. Het bestaat alleen uit lucht en water.

Vaker wordt gesproken over technische sneeuw in plaats van kunstsneeuw

De sneeuwproductie werkt als volgt. Wanneer de sneeuw smelt wordt deze opgevangen in stuwmeren en zijn aan het begin van het winterseizoen helemaal gevuld. De stuwmeren worden ook wel Speicherteichen of Speicherseeen genoemd. Deze zijn aangesloten op een pompstation en vanaf daar wordt het water gepompt richting de sneeuwmachines gepomt. Wanneer de temperatuur laag genoeg is en het ook droog dan is het mogelijk onder hoge druk van lucht en water technische sneeuw te produceren.

In een Speicherteich wordt het water voor de sneeuwproductie opgeslagen om zo aan het begin van het winterseizoen te gebruiken.

De technische sneeuw bestaat net als natuursneeuw uit lucht en water. Het enige verschil is de structuur van de sneeuw. Natuursneeuw heeft natuurlijk een veel langere tijd nodig om van water sneeuw te worden. Dat betekent ook dat door dit snellere proces deze sneeuw niet van honderden of duizenden meters naar beneden hoeft te komen, maar slechts 10 of 20 meter valt. Hierdoor is de sneeuw veel compacter en kleiner, maar daardoor ook stabieler voor skipistes.

Technische sneeuw is compacter dan natuursneeuw en beter bestand tegen warmere temperaturen

Doordat de sneeuw compacter is en minder lucht bevat is de technische sneeuw robuuster tegen warmere temperaturen. Natuurlijk elke sneeuw smelt, maar de technische sneeuw is door zijn compactere vorm stabieler dan natuursneeuw. Voor het produceren van kunstsneeuw is de omrekeningsfactor 2,5. Dat betekent dat met 1 mwater je 2,5 msneeuw kan produceren.

Lansen of propellers

Er wordt over het algemeen een onderscheid gemaakt tussen twee verschillende soorten. Door zogenaamde lansen en de propellermachines. Daarnaast zijn er nog veel andere typen te onderscheiden. Bijvoorbeeld bij de lansen heb je een verschil in koppen en een onderscheid in druk en sneeuwkwaliteit. De hoeveelheid druk op een sneeuwkanon en op de leidingen hangt sterk af van het gebied. Een besneeuwingssysteem varieert doorgaans van drukhoeveelheden tussen de 10 en 80 Bar.

Er zijn twee verschillende soorten sneeuwkanonnen. Door zogenaamde propeller machines en de lansen zoals op deze foto is te zien.

Over het algemeen wordt er koud water onder hoge druk verneveld. Als de lucht en het water uit het kanon komt zet deze direct uit. Door dit uitzetten en het verdampen van de waterdruppels koelt de lucht naast de waterdruppels snel af waardoor deze bevriezen. Deze ijskristallen dwarrelen vervolgens op de piste neer als kunstsneeuw.

Manieren op de efficiëntie van de sneeuwproductie te verbeteren kan bijvoorbeeld door het toevoegen van chemicaliën, zoals Snomax. Deze chemicaliën worden in Zwitserland in sommige skigebieden gebruikt. In het Oostenrijkse Tirol is dit nergens het geval. Hier bestaat de sneeuw alleen uit drinkwater en frisse lucht en verder niks.

Snowfarming

Tegenwoordig worden er ook steeds meer andere ontwikkelingen toegepast zoals snowfarming en de sneeuwwolk. Bij snowfarming wordt sneeuw van het vorige winterseizoen bewaard. In de zomer wordt de sneeuw afgedekt om zo vervolgens te kunnen hergebruiken vroeg in het volgende seizoen. Het is een efficiënte en relatief duurzame manier in vergelijking met de sneeuwkanonnen.

Door een sneeuwhoogte meetsysteem in te zetten kan de sneeuw efficiënt verdeeld worden.

De hoeveelheid sneeuw die met snowfarming kan worden bewaard is echter beperkt. In een groot skigebied als Ischgl is dit niet toereikend genoeg. In korte tijd moeten ze veel sneeuw kunnen produceren om een groot aantal pistes te kunnen openen al aan het begin van het seizoen. Snowfarming is daarom geen geschikte optie.

De hoeveelheid sneeuw die met snowfarming kan worden bewaard is echter beperkt.

Een andere manier om de efficiënte te verhogen is door gebruik te maken van een sneeuwhoogte meetsysteem. Dit houdt in dat elke pistebully die uitgerust is met GPS op ieder moment weet over welke sneeuwdikte hij rijdt. Normaal gesproken is het lastig in te schatten hoeveel sneeuw er op de piste ligt. Als er 20 cm of 2 meter ligt is vaak niet te zien als alles wit is. Voor een goede pistekwaliteit is het wel heel belangrijk de juiste hoeveelheid sneeuw op de piste te hebben. Het is daarom zeer zinvol een sneeuwhoogte meetsysteem in te zetten om de sneeuw zo efficiënt mogelijk te verdelen. Zo is het mogelijk met dezelfde hoeveelheid sneeuw een groter pisteoppervlak te realiseren.

Verder is ook de invloed van het weer heel groot. Bij de besneeuwing is de zogenaamde natteboltemperatuur bepalend. De natteboltemperatuur is een indicator voor hoe hoog de luchttemperatuur is in combinatie met de luchtvochtigheid. Zo is het bijvoorbeeld mogelijk bij temperaturen van +3 graden en een luchtvochtigheid van 30% sneeuw te produceren. In dit geval is de natteboltemperatuur -2 graden.

Voor de sneeuwproductie is de natteboltemperatuur bepalend.

Door klimaatverandering en de droogte, zoals die van afgelopen zomer, komen veel skigebieden voor uitdagingen wat betreft sneeuwzekerheid. In het hooggelegen skigebied Ischgl lijken ze hier vooralsnog weinig van te merken. De afgelopen jaren lukt het, onder andere dankzij de technische sneeuwproductie, als vroeg in het winterseizoen open te gaan. Nieuwe investeringen zorgen er ook in de toekomst voor dat veel gebieden sneeuwzeker zullen blijven. De sneeuwkanonnen zijn uit de meeste gebieden daarom niet meer weg te denken.

Meer willen weten? Kijk ook op Alpenweerman.nl

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here